Zes jaar geleden publiceerde Piketty zijn boek Kapitaal in de 21e eeuw. De wereld stond op zijn kop. Een revolutionair geschrift met wetenschappelijk onderbouwde waarheden over onze economie werd ons in de intellectuele schoot geworpen. Ik heb het gelezen. Ik vond het een waardevol boek maar ik was ook kritisch, want de toekomstige ecologische invloed op de economische toekomst werd in mijn ogen matig belicht. In oktober 2017 trad Raworth op in het programma Buitenhof over Doughnut Economics. Modelmatig was het precies zoals ik voor ogen had. Echter vond ik haar betoog weinig overtuigend. Ze ging uit van egalitair globalisme, zonder dat ze duidelijk was over politieke en sociale gevolgen voor de diverse groeperingen in bijvoorbeeld de eerste en derde wereld. Een mooi voorbeeld was dat zij aangaf dat politici gevangen waren in groei denken. Deze mensen worden echter gekozen door het electoraat; haar kritiek op die groep ontbrak.
Dat op het functioneren van politici veel valt af te dingen wordt ons regelmatig voorgespiegeld door partijen als Follow The Money of Weltschmertz, edoch blijkt niet iedereen daarvan overtuigd. Ik heb in een concreet geval hier een blog aan gewijd. Raworth’s kritiek op de huidige economische maatstaven stond rechtovereind maar het proces om veranderingen te bereiken werd dus maar matig door haar uitgewerkt. Waar ik bij Piketty heel onderbouwde aanknopingspunten vond, haakte ik toen bij Raworth af ondanks dat ik een groot voorstander van haar ‘wat’ maar ik weinig realiteitszin zag in haar ‘hoe’.
Dit beeld werd voor mij nogmaals bevestigd in de uitzending van Tegenlicht. Het wemelt van ideologische uitgangspunten die simpelweg niet worden uitgewerkt in een haalbaar transitiemodel. Het begint al in de eerste minuut waarbij zij zegt dat sprake moet zijn van ‘human welbeing’ en ‘planetery integrity’. Wat zijn de gevolgen van ‘planetery integrity’ indien je ‘human welbeing’ uitwerkt voor 7 miljard mensen en ‘counting’? Bijna op elke minuut kan ik wel kritiek leveren maar voor de leesbaarheid beperkt ik mij tot minuut 9 waarin zij het heeft over olie als grote drijfveer voor groei. Ik ben van mening dat ‘fractional reserve banking’ vanaf het moment van het loslaten van de goudgerande standaard van substantieel meer invloed is geweest.
Ze verbiedt in minuut 18 mensen niet om te gaan winkelen maar ze veroordeelt wel consumentisme. Een minuut later heeft zij het over het ontbreken van sociale verbondenheid. De social media van de afgelopen tien jaar heeft juist geleid tot een intensivering van socialisatie. Het is echter sterk gericht (geweest) op de bevestiging van de individuele identiteit en het veroordelen van een andere. Inmiddels is bekend dat de NSA diep in dit maatschappelijke proces is geïnfiltreerd. Echter is niet transparant wat met deze kennis in het democratisch proces wordt gedaan. Dat zijn zaken die van belang zijn om de zuiverheid van een maatschappelijk debat en gewenste veranderingen door te kunnen voeren. Hiervoor zijn politieke keuzes nodig die worden gemaakt door leiders die het electoraat kiest. In de V.S. kon men in 2016 ook kiezen voor Jill Stein met een groene agenda. In plaats daarvan is ‘The Donald’ in plaats van ‘The Doughnut” gekozen. Socialisatie eindigt daar bij de voordeur. Hier is dat dus niet veel anders. Zoals mede recent in Zuid-Europa blijkt, kiezen we onze leiders niet op basis van moraliteit en samenhang maar op basis van onze portemonnee, totdat het verschil tussen de factor kapitaal en inkomen te groot wordt en dan volgt volgens Piketty een correctie, in historisch perspectief vaak vormgegeven door oorlog. Daar hoor ik haar niet over.
Vanaf minuut 36 wordt betoogd dat er meer overheidsregulering nodig is. China wordt als voorbeeld aangehaald. Ook Piketty heeft gesteld dat het Chinese model waarschijnlijk beter is toegerust om met flinke veranderingen om te kunnen gaan. Daartegenover staat dat ‘individuele vrijheid’ in onze samenleving een groot goed is en dat allergisch wordt gereageerd op beperkingen. Juist hier zou je een haalbare uitwerking van deze psychische transformatie door Raworth mogen verwachten. Het blijft helaas allemaal in denkbeelden hangen. Mijn conclusie over Raworth: Mooi mens met niet haalbaar idealisme.
Ook Milton Friedman wordt aangehaald. Hij wordt toch gezien als de geestelijk vader van het overheidsbeleid zoals dat vanaf Reagan door de V.S. is gevoerd. De zeepbel methodiek van het monetarisme loopt als gevolg van onder meer ecologische en demografische beperkingen tegen zijn einde in de Westerse wereld. Als je het van iemand niet zou verwachten dan is het wel van Milton Friedman, maar in 1968 in een gesprek in Firing Line met de vermaarde Buckley, pleit hij voor het instellen van een ‘negative income taks’ ter bescherming van de zwakkeren in de samenleving. Zoals ik het zie is het een gefiscaliseerd basisinkomen. Een tweede documentaire die op het gebied van fiscaal beleid een must is, is IOUSA. De scheidend voorzitter van de Government Accountiblity Office (GAO) – een Republikein nota bene – geeft openheid van zaken over de noodzaak om de V.S. fiscaal weer gezond te maken, opdat de netto contante waarde van de overheidsschulden op dat moment (2008) van 53 triljoen ook in de toekomst te betalen zouden zijn. In 8 jaar Obama is als gevolg van een voornamelijk Monetair beleid de nominale waarde van de overheidsschuld van de V.S. opgelopen van 8 triljoen in 2008 naar circa 19 triljoen in 2016 opgelopen. Het beleid in evenwicht tussen een monetair en fiscaal beleid waar ook Friedman voor pleitte, heeft Obama niet uitgevoerd. De huidig democratisch gekozen leider zal met zijn beleid dit proces alleen maar versnellen. De bijdragen van Piketty en Raworth zijn belangrijke intellectuele bouwstenen naar een nieuwe economische realiteit. Echter zal de komende tien jaar op enig moment de wal het schip keren waarbij gehoopt mag worden dat dit zonder bloedvergieten gepaard zal gaan.